Tag Archive for 'muziek'

Mr. Love and the Stallions: “We zijn klaar voor Nederland”

Ze zitten middenin de opnames voor hun nieuwe clip Radio 4AM, maar een interview kan wel even tussendoor. In de zelfgedoopte Mr. Love & The Stallions-base aan de Minrebroederstraat spreekt Sapsite met zanger Bas van de Looy (31), gitarist Remco van de Looy (34) en bassist Max Faulkner (25).

Hard gefeest hebben ze, de vijf heren van Mr. Love & The Stallions, toen hun derde plaat Playgrounds werd uitgebracht. In april was de releaseparty in EKKO. “We waren heel blij dat we eindelijk onze nieuwe liedjes konden spelen. Het duurde best lang voordat we de boel weer bij elkaar hadden, tussen deze en onze vorige plaat zat vier jaar”, legt zanger Bas uit. “We waren zo druk met de vorige plaat promoten dat we vergaten om nieuwe liedjes te schrijven.”

Utrechters met een zachte ‘g’
De zachte ‘g’ van de Van de Looytjes verraadt dat de oorsprong niet echt in Utrecht ligt. Eindhoven is de plek waar het allemaal begon. Dat was de stad waar zanger Bas en drummer Lou Swinkels destijds “een potje noise” maakten op hun studentenkamertje. Al snel kwam neef Remco erbij en werd op een feestje violist Einar Ihle gescoord. Bas: “Ik nam hem onder mijn arm mee naar Remco en riep ‘kijk, we hebben er één!’. We waren toen helemaal fan van dEUS, dus moesten we ook een violist. De volgende dag kwam hij repeteren en zat hij in de band.”

De Utrechtse scene
In de zes jaar die volgden, verhuisde iedereen naar Utrecht. Ze voelen zich hier thuis. “Er is veel talent hier, de muziekcultuur is heel tof. Iedereen kent iedereen, dat zorgt voor leuke samenwerkingsprojecten. Ik denk ook dat we wat beter in de Utrechtse scene passen dan in die van Eindhoven, want daar komt meer de stevige rock ’n roll vandaan”, zegt Bas die in zijn vrije tijd graag naar de 3voor12-avonden in dB’s gaat om nieuw talent te checken.

Een bassende Brit
Maar ondanks dat ze het met z’n vieren goed voor elkaar hadden (Grote Prijs voor ‘meest vernieuwende band’, twee albums en een deuntje onder een theereclame), miste er iets: een bassist. Twee jaar geleden kwam Max in beeld, de bassende Brit die voor zijn zwangere Nederlandse vriendin naar Utrecht was verhuisd. Max: “Via Thom Rutherford, de zoon van Genesis-gitarist Mike Rutherford, kwam ik in contact met iemand die deze jongens weer kende. Het is echt op de ons-kent-ons-manier gegaan.” Bas vult aan: “De auditie ging lekker soepel, Max was een echte gangmaker en hij bleek ook nog eens heel goed te zijn. En dat hij Brits is, is voor mij ook heel handig, want hij kan mooi de teksten checken op grammatica.”

Keerpunt
Drie vliegen in één klap dus. Eigenlijk zelfs vier, want Max bleek een keerpunt in de sound van de band. “Max grooved als een gek. Dat heeft invloed gehad op ons geluid. Het is nieuw, strakker, funkier. Als ik de muziek die we maken zou moeten omschrijven zou het zoiets zijn als vrolijk, levenslustig en rock ’n roll met een snufje experiment”, aldus Remco. Bas noemt Walk In The Park en Score For A Roadmovie als twee nummers op de nieuwe plaat die kenmerkend zijn voor de “geëvolueerde sound”.

Varkensschuur
Omdat de band na de tweede plaat besloot zonder hun management door te gaan, namen ze de nieuwe plaat in eigen beheer op. Dat betekent natuurlijk dat je alles lekker zelf kunt beslissen, maar ook dat je niet de beschikking hebt over allerlei blitse opnamestudio’s. En dus werd de plaat deels opgenomen in de varkensschuur in Son en Breugel, bij de pa en ma van de drummer. De rest werd opgenomen in het Mr. Love & The Stallions-honk in Utrecht en door violist Einar geproduceerd. Eind april werd bovendien het contract met V2 getekend, wat ervoor moet zorgen dat ook het nodige aan promotie wordt gedaan. “Daar lieten wij het namelijk een beetje liggen”, zegt Remco. “Dat we nu een partij hebben die echt voor ons aan de slag gaat, zou wel wat meer aandacht op moeten leveren.

Klaar voor Nederland
Want tja, de band bestaat dit jaar op de kop af een decennium en na al die tijd zijn ze nog niet zo bekend als plaatsgenoten GEM of Urban Dance Squad. Het kan ze eigenlijk niet schelen ook. Bas: “We zijn niet zo wijdverspreid, maar we krijgen veel complimenten van de mensen die wel naar ons luisteren. En dat is wat mij betreft ook een succes.” Zijn neef vult aan: “Natuurlijk is groot worden wel onze ambitie, maar het moet wel passen. Ik denk dat deze plaat deuren gaat openen, we zijn er in elk geval klaar voor. Elke dag muziek maken en touren, ja daar kan ik wel vrolijk van worden als dat mijn werk zou zijn.”

> Lees dit interview ook op SAPsite

Kamperen was nog nooit zo leuk | Happy Camper

Haringen die de grond niet in willen, dagenlang regen en kou, een lek luchtbed. Heb je een hekel aan kamperen? Probeer dan eens Happy Camper. Vrolijkheid gegarandeerd.

Job Roggeveen, toetsenist bij El Pino & The Volunteers en geestelijk vader van Happy Camper, lijkt het haast niet te kunnen geloven. Een uitverkocht Tivoli de Helling staat popelend te wachten op de show. Zíjn show, want als hij niet alle liedjes had geschreven, daar elf Nederlandse zangers- en zangeressen bij had gezocht en de vertederende yeti genaamd Manfred had bedacht, had deze magische avond nooit plaatsgevonden.

Muziek en animatie
Het idee voor een album vol popliedjes met warme, vrolijke, aanstekelijke (film)muziek kwam drie jaar geleden in Roggeveen op. En aangezien hij zelf ook een animatiestudio heeft, moest er ook goed nagedacht worden over de visuele kant van het verhaal.

Elftal zangers & zangeressen
De liedjes waren af, nu nog elf artiesten en een yeti en Happy Camper was born. Een deel van de zangers komt net als Roggeveen uit huize Excelsior (Marien Dorleijn van Moss, Tim Knol, zijn collega’s Appel en David Pino), maar ook Janne Schra, Blaudzun, Leine, Odilo Girod, Ricky Koole, Helge Slikker en Bauke Zoete van The Kevin Costners zijn van de partij. Elf namen waar Roggeveen zichtbaar blij mee is. Andersom is dit elftal net zo blij met Happy Camper. De sfeer is dan ook uiterst collegiaal: Job krijgt alle credits en elke zanger kondigt lovend de volgende aan.

Heeft iemand een huis voor mij?
Door de afwisselende bezetting wordt de revue nooit saai. Er worden grapjes gemaakt (Janne Schra doet even een oproepje voor een woning in Utrecht, er komt spontaan een aanbod uit de zaal), de sfeer is haast huiselijk. Uiteraard zijn er een paar artiesten die er echt uitspringen, waaronder de bescheiden maar groovy Janne Schra, de swingende Bauke Zoete en emotievolle Blaudzun. Tim Knol kon helaas niet naar de camping komen en werd vervangen door Case Mayfield, die ook het voorprogramma verzorgde. Het publiek lijkt het niet te deren, Case wordt met luid applaus onthaald en als klarinettist Edward Capel aan het einde van het nummer even zijn moment pakt kan ook hij op luid gejoel rekenen.

Badmintonheld Manfred
In het lijstje met uitblinkers mag Manfred natuurlijk ook niet ontbreken. De yeti weet de zaal halverwege de show met een hilarisch campingtafereel te animeren. De spanning wordt perfect opgevoerd door live piano-ondersteuning van Roggeveen, die aan het eind van de avond als toegift ook nog zelf een nummer zingt onder het mom “iedereen zingt mijn liedjes, dan zing ik er zelf ook een”.
De avond wordt afgesloten met een diepe gezamenlijke buiging, zoals dat vroeger ook ging als je de schoolmusical had gespeeld. Een welverdiend applaus klinkt. Happy Camper is het warme zonnetje na een nacht rillen in je tentje. De haring die zo de grond in glijdt. Een nieuw record bij een potje badminton.

Happy Camper speelde vrijdag 20 mei in Tivoli de Helling

Wil je Roggeveen en cornuiten zelf ook een keer live zien? Dat kan! Op zondagmiddag 7 augustus geven ze een gratis concert in het Vondelpark en op 21 augustus spelen ze op Lowlands.

> Lees dit artikel ook op SAPsite

Jamaica | Goedgemutst

Catchy electro-pop. Zo laat het geluid van duo Jamaica zich volgens Tivoli het beste omschrijven. Vorig jaar brachten de twee Fransozen hun debuutalbum uit met hulp van leden van Justice en Daft Punk. Dat moet een feestje worden, toch?

(c) Anne Verheul

Een internationaal getinte avond staat op het program in Tivoli de Helling. Eerst een tripje door de Benelux en later op de avond lekker swingen op Jamaica. Het voorprogramma brengt het publiek al goed in de stemming. De frontman lijkt besloten te hebben alles te geven die avond, iets wat de zaal wel kan waarderen. Hier en daar gaan de heupjes heen en weer en knikken hoofden mee. Of komt dat door de bas die zo hard staat dat je hele lichaam vanzelf meetrilt?

Na een aardig applaus wenst Benelux ons veel plezier met Jamaica. No problem, moet lukken! De cd staat vol vrolijke deuntjes, die zelfs op een doordeweekse dinsdagavond de voetjes van de vloer zouden moeten krijgen. De twee heren uit Parijs trappen af met ‘Cross The Fader’. Hoezo electro? Dit is gewoon rock, er komt geen synthesizer of drumcomputer aan te pas. Een gitaar, bas en een drumstel: meer heeft een simpel rockbandje niet nodig. En het publiek ook niet, ook al beginnen de nummers na verloop van tijd een beetje op elkaar te lijken.

(c) Anne Verheul

De gebeurtenissen op het podium houden de show ook niet echt spannend. Gelukkig maakt de vrolijke bui van zanger Antoine en bassist Florent veel goed, net als de welgemeende ‘dankjewel’ tussen de nummers door. Maar dan opeens als ze ‘Short and Entertaining’, één van de laatste nummers, inzetten gaat het los. Het publiek ontlaadt, iedereen die stond te popelen om een pit te bouwen gaat uit zijn dak. Dat gaat door tot ze de hit ‘I Think I Like U 2’ hebben gespeeld. Antoine vertrouwt zijn gitaar zelfs toe aan ene Vincent, die uit het publiek wordt getrokken om de akkoorden aan te slaan.

De laatste bruisende tien minuten maken veel goed en laten het publiek met een opgewekt gevoel achter. Helaas hebben de heren slechts één album en als je toch een toegift wilt spelen, moet je creatief zijn. “Jullie mogen kiezen. Of we spelen een cover, of we spelen nog een keer I Think I Like U 2”, zegt Antoine. Het wordt de cover. De eerste tonen van ‘Come As You Are’ worden aangeslagen, maar ze komen tot inkeer. “We zijn geen coverband!” De akkoorden gaan over in het vrolijke begin van optie B. Grapjassen. Ja, I think I like Jamaica.

(c) Anne Verheul

> Lees dit artikel ook op SAPsite

Krach | Elektrorocken in je witte hemd

Vorig jaar veranderde With Ice hun bandnaam in Krach (www.derkrach.nl). Et voilá: ze werden Serious Talent, mochten spelen in De Wereld Draait Door en speelden twee keer opEurosonic Noorderslag. Om over de release van hun kersverse titelloze debuut nog maar te zwijgen. Om de plaat wat ‘krach’ bij te zetten, maken de vijf mannen een tour door Nederland en belandden ook in EKKO.

Ondanks de uitgebreide aandacht die de band op 3fm heeft gekregen, is de show niet uitverkocht. Eigenlijk onterecht, want je krijgt waar voor je geld. Ten eerste omdat je naast Krach ook nog Bombay Show Pig (ook in wit hemd!) als voorprogramma en Die Lui als ‘toegift’ krijgt. Maar vooral omdat Krach er zelf een feestje van maakt.

In uniform bestijgen de heren het podium en zetten de eerste tonen van ‘Hunger’ in. Een aanvankelijk rustig nummer dat uitmondt in een flinke portie elektrorock. De toon is gezet. Na een paar nummers, waaronder de hits ‘Do The Wave Now’ en ‘So I Do A Little Dance’, is het publiek flink opgewarmd en Krach begint er zelf ook van te zweten. De uniformen gaan uit en de set wordt vervolgd in witte hemden en bretels.

De combi van synthesizer, twee gitaren, bas, drums en de brulstem van Reinier van den Haak maakt dat de zaal haast te klein voelt. De sound zweeft ergens tussen de vette elektrobeats van Soulwax en de zware rock van De Staat (niet zo raar als je hulp hebt gehad van Torre Florim), met af en toe een vleugje stonerrock. De zaal geniet, er wordt gedanst en de ogen van de bandleden twinkelen. Ze hebben bewezen dat de fijne sound op het album live nog beter tot zijn recht komt.

Is het de goede sfeer of inmiddels een gewoonte? Bij het laatste nummer waagt Reinier bewapend met megafoon in elk geval een sprong in het publiek. De fanbase blijkt nog net iets te klein, want iedereen stapt netjes opzij. De zanger baant zijn weg door de zaal en als hij even later achterin op de bar staat, volgt een ongemakkelijke situatie: waar moet je kijken? Overal gebeurt wat.

De laatste tonen, die dankzij toetsenist David Hoogerheide inmiddels meer klinken als elektro dan rock, gaan vloeiend over in de dj-set van Die Lui. Speciaal door de band meegenomen om het publiek niet in stilte achter te laten. Stukje totaalervaring. En dat is de kracht van Krach.

> Lees dit artikel ook op Sapsite

Jon Allen = net als vroeger

Voor je hedendaagse portie oldskool rock a la The Eagles hoef je heus geen oude stoffige plaat uit de kast te trekken. Jon Allen is hier om je moderne oor te pleasen met zijn rauwe geluid.

Links en rechts staan bezoekers die je vader en moeder hadden kunnen zijn. Voor en achter mensen van in de twintig en helemaal vooraan (zo blijkt na afloop van het concert) zelfs kinderen. Het is duidelijk; Jon Allen is voor alle leeftijden.

Hoog 70s gehalte
Het geluid van Allen ligt dan ook goed in het gehoor. Zijn stem is ietwat schor, zijn melodietjes soms vrolijk, soms droevig en af en toe pakt hij er een elektrische gitaar bij voor net dat beetje extra. En live blijkt nog meer waarom de vijftigplussers deze avond ruimschoots aanwezig zijn: Jon Allen klinkt als The Eagles, heeft de stem van Rod Steward en de looks van een Beatle.

Onzeker
De goedgemutste Engelsman bracht vorig jaar zijn eerste album ‘Dead Mans Suit’ uit. Het kostte hem tien jaar om de nummers voor het album te schrijven, naar eigen zeggen omdat hij erg onzeker is over zijn schrijverskwaliteiten. Hij studeerde af aan de ‘Liverpool Institute of Performing Arts’, mede opgericht door oud-Beatle Paul McCartney. McCartney sprak hem moed in en gaf de complimenten die Allen nodig had om die laatste stap naar het echte succes te durven zetten.

Sympathiek
Deze avond komen alle twaalf nummers van het album voorbij, plus een paar extraatjes (een nieuw nummer en een paar tracks die niet op het album staan). Tussendoor houdt hij het publiek bij de les met een paar droge grapjes. Sympathiek is het juiste woord voor deze linkshandige singer-songwriter.

Andermans geluid
Tot zover scoort Jon een dikke 8. Maar toch is er iets dat het cijfer een puntje omlaag trekt. Jon heeft namelijk niet echt een eigen geluid. Zo doet de zangmelodie in ‘Happy Now’ ergens aan ‘Living On My own’ van Freddy Mercury denken en waan je je tijdens ‘Down By The River’ bij een concert van The Eagles. Echt origineel is Jon dus niet, maar hij komt er aardig mee weg. Het “ouwelullenrock-gehalte” wordt gecompenseerd door de kippenvelmomentjes tijdens ‘Sleeping Soul’ en ‘Going Home’.

Hopelijk hoeven we niet tien jaar te wachten op het volgende album.

Jon Allen speelde 2 april in Tivoli de Helling

> Lees dit artikel ook op SAPsite

De gevoelige snaar van Fink

Fink houdt van Nederland en wij houden van Fink. Want wie zou ons anders moeten verblijden met een warme, donkere stem en mooie, ietwat rauwe gitaarliedjes.

De kruk staat klaar, de gitaren staan klaar, het drumstel staat er glanzend bij. Een uitverkocht Tivoli de Helling wacht in spanning op Fin Greenall, alias Fink. Als hij live net zo betoverend is als op zijn albums, belooft het een mooie avond te worden. Tijdens supportact Awkward i  en het ombouwen daarna wisselt het publiek nog even uitgebreid de laatste nieuwtjes uit, maar zodra de Britse singer-songwriter het podium betreedt is het zo stil dat je een bierglas kan horen vallen.

Opwarmertje
‘Eerst een liedje om op te warmen’, zegt Fink. Hij en drummer Tim Thornton gaan er goed voor zitten en ze zetten Maker in. Een rustig nummer, maar na het eerste nummer wordt de kruk naar achteren geschoven en dan komt ook bassist Guy Whittaker het podium op. Het is duidelijk dat de drie bebaarde mannen het naar hun zin hebben op het podium. ‘Wie wil er nou geen baan waarbij je kan drinken en blowen onder werktijd, grapt Fink.

Zijn wedergeboorte als singer-songwriter
Fink heeft een verleden als dj en producer, en dat is in een aantal nummers duidelijk hoorbaar door het gebruik van breakbeats. Tot vijf jaar geleden was gitaarspelen alleen een hobby voor Greenall, maar plots kreeg hij een artistieke wedergeboorte en besloot zich op het singer-songwriterschap te storten. De eerste in zijn soort bij het label Ninja Tune. Een goede keus, want als je zo makkelijk het ritme kan trommelen op je klankkast en tegelijkertijd Pretty Little Thing kan tokkelen kan je wel stellen dat hij de skills heeft. Dankzij de triphop-achtige klanken hebben sommige nummers als Blueberry Pancaces en Make it Good wel iets weg van Massive Attack. Misschien een graantje meegepikt toen hij als supportact met ze op tournee was.

Het optreden in De Helling was de eerste van een drietal optredens in Nederland. Donderdag stond hij in Groningen en vrijdag in Deventer. Als je de beste man nog live wil zien dit jaar kan je in april naar Motel Mozaique in Rotterdam of naar Het Patronaat in Haarlem. Daarna gaat hij er even tussenuit om op creatieve krachten te komen en aan een nieuw album te werken.

Een optreden bezoeken is zeker de moeite waard, want de volle anderhalf uur lang blijft Fink boeien. Na afloop zindert de zaal nog even na. Het is duidelijk: Utrecht was blij dat ze erbij was. En Fink was blij dat hij in Utrecht was.

Fink stond op 10 februari 2010 in Tivoli de Helling

> Lees dit artikel ook op SAPsite